Artist View

Artist view

Als kunst een aller-individueelste expressie van de aller-individueelste emotie is, ligt het startpunt bij emoties die ontstaan door onrechtvaardigheid. De basisemoties verdriet, angst, afschuw en woede komen voort uit dat onrechtvaardigheidsgevoel. Verstikkende krachten die naar mijn gevoel geen goede basis vormen om uit te drukken in een kunstwerk. De kracht ligt er daarom in om deze emoties om te buigen naar liefde en hoop. Vormen van agressie zoals angst, afschuw en woede worden afwezig gemaakt in het creatieproces. Het onrechtvaardigheidsgevoel ombuigen naar een positieve kracht waarin de overweldigende schoonheid die ons omringd een expressie krijgt, is mijn startpunt om een vormelijke beeldtaal te creëren.

Emotie is de drijfveer en de motivatie voor het onderzoek en de expressie.

Het is hoofdzakelijk de zoektocht naar het ‘waarom’ die de basis vormt voor de expressie. ‘Wat maakt dat’ … en ‘Hoe komt dat …’ stuurt het denk- en creatieproces. Wat maakt dat maatschappelijke problemen zoals ongelijkheid, discriminatie, armoede, verwoesting van de natuur,… tot stand komen en in stand gehouden worden. Wat zijn de diepere oorzaken en ligt er iets aan de basis van de maatschappelijke problemen waarmee we geconfronteerd worden. Als we in ons denken dieper en dieper afzakken komen we dan uit bij het ontstaan, bij de oorsprong? Indien we dat punt kunnen zien en begrijpen, kan het dan ook ombogen worden naar een positieve kracht? De evolutie van dit denkproces krijgt vorm in een beeldtaal waarin getracht wordt de agressie achter wegen te laten die het ervaren van maatschappelijke problemen oproepen. Verbondenheid en verbonden voelen neemt daarom ook een centrale plaats in.

Verbondenheid in een geconnecteerd universum is het centrale uitgangspunt.

Geloven in de kracht van de natuur, waarvan we zelf deel uitmaken en onszelf zien als natuur waaruit cultuur tot stand komt is een essentieel uitgangspunt in het denkproces.

Het samenbrengen van natuur en cultuur is daarom een belangrijk onderdeel van mijn werk. Zien we onszelf als onderdeel van de natuur? Maken we er deel vanuit of zetten we ons boven de natuur? Het superioriteitsgevoel van het ego maakt dat we onszelf als uniek ervaren en koppelt ons los van de omgeving. Niettegenstaande de mens een sociaal wezen is die connectie met elkaar nodig heeft. De natuur, van het allerkleinste tot het allergrootste is echter één groot levend organisme waarmee ieder van ons verbonden is, waarvan iedereen integraal deel van uitmaakt.

Het centrale thema verbondenheid resulteert in een andere manier van kijken. Het gaat om zien, begrijpen, abstraheren en verzinnelijken van een overweldigende schoonheid die ons omringt.

Uitganspunten

In het denk- en creatieproces liggen steeds enkele belangrijke uitgangspunten aan de basis. Ze vormen een toetssteen die echter niet in steen gebeiteld zijn. Ze evolueren mee en vormen ankerpunten waarop verder gebouwd wordt. Ze stuwen het maakproces en geven richting aan het onderzoek.

Het idee dat de wereld kan worden begrepen aan de hand van patronen en onderliggende principes is één van de belangrijkste inzichten van de mens.

Patroonherkenning en –interpretaties zijn een wezenlijk kenmerk van de mens. We zoeken, herkennen en interpreteren patronen zowel in de natuur als in de cultuur. Alles wat we nu weten en kunnen is grotendeels tot stand gekomen door het feit dat de mens patronen is gaan herkennen, van de oudheid tot nu. Deze patroonherkenning is geen alleenrecht van de mens, dieren en planten doen ook aan patroonherkenning, hoe we hier echter mee omgaan verschilt wezenlijk met andere levende wezens doordat we principes herkennen in patronen. Deze principes leggen onderliggende relaties tussen dingen bloot.

In mijn werk geeft ik uitdrukking aan patronen aan de hand van geometrische figuren en maak het onzichtbare zichtbaar in een vormelijke beeldtaal.

Alles is energie. We ervaren de interpretatie van de trillingen om ons heen.

Nobelprijswinnaars in de natuurkunde laten er geen twijfel over bestaan, de fysieke wereld is één en al energie. Niets is solide in de kwantumwereld. Ze bewezen daarenboven dat gedachten verantwoordelijk zijn voor het bijeenhouden van een steeds veranderend energieveld en daarbij de vorm van de objecten die we kennen.

We hebben vijf fysieke zintuigen waarmee we de omgeving rondom ons waarnemen. Onze zintuigen nemen energie waar vanuit een bepaald vast standpunt en dat is hoe we beelden creëren en onze waarneming vormen. Deze waarneming is echter niet exact of compleet, het is slechts een interpretatie. 

Al onze interpretaties zijn uitsluitend gebaseerd op onze ‘innerlijke kaart’ van de werkelijkheid, maar niet op de echte waarheid. Onze ‘kaart’ is het resultaat van de collectieve ervaring van ons persoonlijk leven. Alles wat je in onze fysieke wereld ziet, begon als een idee dat bleef groeien totdat het door een reeks stappen tot een fysiek object materialiseerde.

Het is een zeer belangrijk uitgangspunt om in te zien dat niets is wat het lijkt. Hoe we onze samenleving inrichten ontstaat vanuit een idee en dus veranderlijk. Een andere manier van kijken en zien, verandert de interpretatie en daarbij de vorming van onze samenleving.